dinsdag 10 maart 2015

Johannes van Adrichem

Laat ik aan u voorstellen; Johannes van Adrichem. Mijn oudgrootvader.

Johannes werd geboren op kerstavond, 24 december 1793 te Rotterdam. 
Zijn moeder was de 33 jarige,  ongehuwde, Anna van Adrichem. 
Ze baarde die dag niet een, maar twee zonen.
De andere zoon kreeg de naam Wijnandus Josephus van Adrichem. 
In de eerste week van het nieuwe jaar, 1794, op een koude 7 januari,
werden beide kinderen Rooms Katholiek gedoopt in de Rosaliakerk in de Leeuwenstraat te Rotterdam.

Opvallend zijn de getuigen bij deze doop. Dit waren Fransicus Barré en Wijnandus Jospehus Buchet. Zoon Johannes is, zoals het hoorde in die tijd, vernoemd naar de vader van Anna; Johannis van Adrichem.
Maar de tweede zoon werd genoemd naar de getuige Wijnandus Josephus Buchet.
Waren het toevallige voorbijgangers, die de plaats in namen van de familieleden die niet bij de doop aanwezig wouden zijn? Was Anna uitgestoten? Het was immers een schande, een ongehuwde vrouw met twee kinderen.
De kinderen worden katholiek gedoopt. Anna zelf was gereformeerd. Dat is ook opmerkelijk.
Zou Wijnandus misschien toch de vader zijn?
Het intrigeert me mateloos! Maar ik ben er in elk geval (nog) niet achter. 
Feit is wel dat de kleine Wijnandus overlijd als hij slecht 11 maanden oud is. En Johannes blijft alleen met zijn moeder achter.

(De Sint-Rosaliakerk was volgens sommigen de mooiste kerk van Nederland, 
maar helaas bij het bombardement van Rotterdam in 1940 verwoest.)

Het eerste waar ik Johannes weer vind, is in de militaire stamboeken.
En wie duikt er tot mijn grote verrassing op bij de inschrijving als vader?
Juist, Wijnandus Josephus Buchet! Waarom geeft hij deze man op als de vader? Is hij dan toch zijn echt vader? Of geeft hij deze man op om hoger op te komen in het leger? Als hij een toevallige voorbij ganger was bij zijn doop, waarom weet hij 20 jaar later zijn naam dan nog?
Krijg je als bastaard zoon in het leger niet dezelfde kansen? Het zal wel niet....


Maar goed, verder naar de militaire loopbaan van Johannes. 

Slechts 19 jaar oud, gaat Johannes op 25 februari 1813 in dienst in het Franse leger van Napoleon, bij het 27 Regiment de Infanterie de Ligne. 
Daarna gaat hij over naar het 72 regiment. Hij neemt er deel aan verscheidene veldtochten naar Frankrijk en Duitsland. 
Bij de Affaire bij Colmar, gedurende de wintercampagne van 1814 opende het Württembergse leger een aanval op de linker Rijnoever, met Napoléon in Épinal. 
Bij deze affaire raakt Johannes op 3 januari gewond aan zijn linkerbeen en wordt op 6 januari gevangen genomen door de Kozakken, die het Württembergse leger ondersteunden. Volgens de gegevens in het stamboek van Johannes is hij al 9 januari 1814 uit gevangenschap ontslagen, waarna hij naar Nederland vertrokken is. 

Op diezelfde 9 januari is ook de oprichting van het Nederlandse leger, de Staande Armeé. Deze bestaat uit vrijwillig dienende beroepsmilitairen. Daarnaast is er een ‘Nationale Militie’. Deze is samengesteld uit door loting aangewezen dienstplichtigen. Koning Willem I besluit om de gehate Franse dienstplicht uit 1811 over te nemen. Hij moet wel, want er melden zich te weinig vrijwilligers om de Staande Armee te vullen.

Op 7 augustus 1814 treedt Johannes toe als soldaat bij het Bataljon Infanterie der Staande Armee. Hij is op dat moment: 1 El, 6 palmen, 7 duim en 4 streep.  Dat staat voor 167,4 cm. Hij heeft een plat voorhoofd, blauwe ogen, een ordinaire mond, ronde kin, blonde haren en wenkbrauwen en een pokdalig gezicht. 

Volgens het stamboek neemt hij deel aan veldtochten naar Frankrijk. Al op 11 december wordt hij bevorderd tot Korporaal. Op 6 november 1815 gaat hij over als Sergeant majoor bij ’t 18e bat. Infanterie. Het bevalt hem blijkbaar goed in het leger, op 8 november 1825 krijgt hij een medaille wegens 12 jarige dienst uitgereikt. 

Na 15 jaar trouwe dienst als militair, wordt hij bij koninklijk besluit op 23 februari 1828 benoemd tot Luitenant geweldige bij het hoofd departement der Marine van de Schelde. In te gaan met "den elfden April 1828".  


Johannes heeft in de tussentijd niet stilgezeten. Op 31 januari 1821 is hij getrouwd met de dan 32 jarige Johanna Elizabeth Houter. Als ouders van Johannes, wordt in de huwelijksakte alleen Anna van Adrichem gemeld, vader onbekend.... 
Voor hun huwelijk heeft Johanna al wel 2 zoons gekregen. Op 7 januari 1819 kreeg Johanna een zoon Johannes Huibert, die voor hun huwelijk nog Houter van de achternaam heet.

En twee jaar later op 8 januari 1821, wordt zoon Wijnandus Josephus Houter geboren, 4 weken voor hun huwelijk. Het mannetje wordt vernoemd naar de overleden tweelingbroer van Johannes.
Veel geluk brengt de naam niet, ook dit kindje sterft veel te jong, slechts 8 maanden oud. Beide kinderen worden gewettigd bij het huwelijk. 
Maar is Johannes wel de vader van Johannes Huibert? Zat hij op zee ten tijde van de geboorte? Is Johannes Huibert vernoemd naar zijn vader Johannes, of naar zijn opa Johannes Houter? Ik ben er nog niet achter.

Op de dag af, 1 jaar na de geboorte van de eerste Wijnadus, bevalt Johanna op 8 januari 1822 weer van een zoon die de namen Wijnandus Pieter Josephus Christiaan van Adrichem krijgt. Deze jongen heeft meer geluk en haalt de volwassen leeftijd. 

Het gezin, zonder vader Johannes, maar met Oma van Adrichem wonen vanaf 10 november 1824 in Vlissingen, aan de Breewaterstraat 112b.  Ze behoren tot de militair op de Kousteenschedijk 102. Al staat hij in het bevolkingsregister pas gemeld vanaf 1828
Op 12 december 1825 verhuisd het gezin ook naar dat adres, waar Johannes moet wonen. 
Op 2 december 1825 wordt in Rotterdam de eerste dochter van het stel geboren, vernoemd naar haar oma. Het meisje heet Anna Catherina Maria Johanna van Adrichem. Waarom ze in Rotterdam wordt geboren en niet in Vlissingen is mij niet duidelijk. 

Op 1 mei 1827 vertekken Anna, Johanna, Johannes Huibert, Wijnandus en zusje Anna naar Kousteenschedijk 84.
Nog voor vader Johannes aan zijn nieuwe baan als Marine Luitenant begonnen is, overlijdt zijn moeder Anna in februari 1828 op 67 jarige leeftijd. Ze is altijd ongehuwd gebleven en heeft altijd bij het gezin in gewoond, Op 10 september 1826 's avonds om zes uur sterft ook de kleine Anna, ze is dan 9 maanden oud. 

Johanna Elizabeth Houter vertrekt op 01 mei 1828 met bestemming onbekend. Haar zoons vertrekken op diezelfde datum naar Kousteenschedijk 83, waar dan ook vader Johannes ook gaat wonen. Waarom woont hij niet al die tijd bij het gezin? Zit hij regelmatig op zee? 
Op 13 juli 1829 vertrekken vader en zoons naar de Steenen Beer nr 14 en Johanna komt er ook weer bij wonen. 
Op 17 oktober 1829 vertekt het complete gezin naar de Grote Markt 79. Waarna ze uit het bevolkingsregister van Vlissingen verdwijnen en dochter Johanna op 12 juni 1830 in Rotterdam wordt geboren. 

In 1838 duikt de gehele familie op in Amsterdam. Johannes is dan Luitenant Geweldige, Hoofd departement van de Zuiderzee. 
Johannes geeft zoon Johannes Huibert, die dan 19 is, zelf op bij de Marine. In het militieregister staat bij zoon Johannes Huibert: "Geëmployeerd aan de Werf. Luitenant Geneedrager bij de Marine. Wonende te Amsterdam. Opgegeven door zijn vader. Wonend bij zijn ouders; Bethanienstraat 5 boven nr 14. Ligte gebreken, finaal vrij". Bij mij roept het een beeld op van een strenge militair, een dominante vader, die wil dat zijn zoons in zijn voetstappen volgens, want ook zoon Wijnandus wordt door hem opgegeven bij de Marine. Blijkbaar hebben ze niks te willen. In augustus 1837 wordt Wijnadus Pijper bij de 2e divisie Mariniers, voor een tijd van 8 jaren, zonder handgeld. Wijnandus is dan nog maar 15 jaar oud! 

Moeder Johanna Elisabeth Houter, overlijdt in 1841 in het binnengasthuis te Amsterdam.
Het Binnengasthuis was in de 19e eeuw berucht om zijn deplorabele toestanden. De zalen zijn:   "groot, hol, kil, kerkvormig en met stenen bevloerd lokaal, dat des winters voor geen behoorlijke verwarming vatbaar is". De verpleging bestond uit "knechten en meiden" die zich, volgens een rapport van het stadsbestuur, schuldig maakten aan drankmisbruik en mishandeling, de medicijnen verkochten en het voedsel voor zichzelf hielden. 
Een Oostenrijkse arts, die het Binnen- en Buitengasthuis in 1852 bezocht, schreef in zijn verslag aan het Koninklijke en Keizerlijke Artsengezelschap in Wenen: "Hoe moeten we deze twee verpleeginrichtingen beschrijven, die op geen enkele wijze die naam verdienen? 
Als wij bijzonderheden opsommen, blijkt als vanzelf dat ze het tegendeel zijn van wat ziekenhuizen behoren te zijn. (...) Op iedere buitenstaander maakt deze plek een hoogst onaangename indruk. Op zeshonderd zieken zijn er slechts twee artsen." Het verplegend personeel noemde hij een afschrikwekkend voorbeeld van ruwheid, traagheid en smerigheid. (Bron: Wikipedia)



Zeven maanden na het overlijden van zijn vrouw trouwt vader Johannes met een 22 jaar jongere vrouw, Catherina van Haarlem. Waarschijnlijk om de zorg op zich te nemen van dochter Johanna, die dan nog maar 10 jaar is. 
Zijn nieuwe vrouw Catherina is daarentegen slechts 4 jaar ouder dan zijn zoon Johannes Huibert. Met Catherina krijgt Johannes een jaar na het huwelijk nog een zoon, Aart Pieter Jacobus Johannes van Adrichem. 
Blijkbaar gaat het daarna niet goed meer in het gezin. De beide oudste zoons deserteren, en ondanks de goede baan van vader worden beide zoons voor het vragen van een aalmoes, veroordeeld voor bedelarij en opgesloten in de Ommerschans. Ook dochter Johanna komt er terecht, zij zal op 57 jarige leeftijd, ongetrouwd en kinderloos sterven. In de krant verschijnt alleen een oproep:


Met zoon Aart lijkt het in eerste instantie beter te gaan, ook hij gaat bij de Marine, trouwt en krijgt twee dochters, maar onlangs ontdekte ik dat hij ook een andere kant heeft. Daarover in een andere post meer. 

Terug naar vader Johannes. 
In 1850 verlaat hij de Marine, na 37 jaar in militaire dienst te hebben gezeten, met eervol ontslag en kan hij van zijn pensioen genieten. Hij is dan 57 jaar. 
Hij heeft dan inmiddels als drie kleinkinderen, maar ik betwijfel of hij die ooit gezien heeft, ze worden namelijk alle drie geboren in gevangenschap. Of in de Ommerschans of in Veenhuizen. 


Johannes overlijdt 26 september 1863 in Amsterdam, 69 jaar oud. Als ouder wordt weer Anna genoemd, van ene meneer Buchet geen spoor....


Catherina plaatst een advertentie in de krant, waar ik uit opmaak dat die twee veel van elkaar gehouden hebben.

 

Dit strookt niet helemaal met het beeld dat ik inmiddels van de man heb. 
Hoe kan het dat de kinderen van zo'n succesvolle Marine Luitenant, die toch een goed salaris moet hebben gehad, zo diep in de goot komen te zitten? 
Het zal jaren duren voordat Johannes Huibert met zijn gezin uit de Ommerschans komt, waarna hij vrij snel overlijdt. 
Zoon Wijnandus overlijdt in Veenoord, en het kind die hij krijgt uit zijn huwelijk met Trijntje Kuiper, zijn dochter Petronella, zelfs voor haar eerste levensjaar, in de Ommerschans. 

Catherina van Haarlem overlijd in Amsterdam in 1865, twee jaar na het overlijden van haar echtgenoot. Slechts 49 jaar oud. 




Geen opmerkingen:

Een reactie posten