Posts tonen met het label van Adrichem. Alle posts tonen
Posts tonen met het label van Adrichem. Alle posts tonen

maandag 1 juni 2026

Johannes Herbert Mölder

Op 28 juli 1914 begon in Europa de Eerste wereldoorlog, die tot 11 november 1918 heeft geduurd. Nederland bleef in deze periode strikt onpartijdig. Door deze neutraliteit zijn er weinig familieleden van mij die deze oorlog zelf hebben meegemaakt. Hier in de grensstreek werd er echter vaak met onze oosterburen getrouwd en daarom heb ik ook een aantal duitse familieleden. Zij hebben de Grote oorlog, zoals deze in eerste instantie nog genoemd werd, wel meegemaakt. Eén van deze familieleden is Johannes Herbert Mölder, roepnaam Jan. 

Jan was een zoon van de Duitser Christiaan Mölder, geboren te Nordhorn op 8-4-1861 en de Nederlandse Gerhardina van Adrichem geboren op 5-6-1863 in Veenhuizen. 

Over de familie van vader Christiaan heb ik het volgende gevonden; de in Duitsland geboren Christiaan, was een onwettige zoon van Hindrika Mölder. Hindrika was een geboren en getogen Nordhornse. In 1856 werkte ze als dienstmaagd en beviel zij van een onwettige dochter; Rika. Hindrika is dan eenentwintig jaar oud. In 1861, als Hindrika zesentwintig jaar oud is bevalt ze van zoon Christiaan, zijn vader is ook onbekend. 

In 1873 trouwt moeder Hindrika, met Johann Heils. Christiaan is dan twaalf jaar oud, zus Rika is zeventien jaar oud. Johann Heils is de zwager van Hindrika. Hij is weduwnaar van Christina Mölder, de jongste zus van Hindrika. Zus Christina en haar man Johann hadden samen al een zoontje, Gerard van twee jaar oud, toen Christina één week na de geboorte van hun jongste zoon Christiaan in het kraambed overleed. Christina werd maar drieëndertig jaar oud. 

Johann bleef achter met twee kleine kinderen. Zijn schoonzus Hindrika zal hebben geholpen met de zorg van de jongens. Baby Christiaan overleed echter drie maanden na de dood van zijn moeder. Johann trouwde hierna met zijn schoonzus Hindrika, die ook tante van het overgebeleven zoontje, Gerard, was. Hindrika was toen negenendertig jaar oud. Het huwelijk duurde echter niet lang. Drie jaar na hun huwelijk overleed ook Hindrika in 1877 aan Tuberculose, slechts tweeënveertig jaar oud. 

Johann Heils trouwde vervolgens opnieuw, hij was toen zevenendertig, met de achtentwintig jarige Gese Sluiters. Zoon Gerard was op dat moment zeven jaar oud. Als Gerard vijftien is overlijd ook zijn vader Johann en is hij officieël wees. Gerard is zelf ook niet oud geworden. Hij stierf in 1899 op achtentwintig jarige leeftijd. Ook Hindrika's dochter Rika werd niet oud. Zij stierf in 1884, net als haar neefje, ook op achtentwintig jarige leeftijd. 

Christiaan trouwde in 1885, op vierentwintige leeftijd in Nordhorn. De bruid was de kolonistendochter Gerhardina van Adrichem. Dochter van Johannes Huibert van Adrichem en Hendrikje Vitjeroo, mijn voorouders. Gerhardina, roepnaam Geerdjen, werd geboren in Veenhuizen, in de Kolonie van Weldadigheid, net als haar (half)zus en broers. Tot haar negende jaar woonden ze afwisselend in Veenhuizen en de Ommerschans. Het gezin is straatarm. Als ze vrijgelaten worden, vraagt Geerdjen samen met haar broers bij de veldwachter in Assen om een aalmoes, waarna het hele gezin weer opgepakt werd wegens bedelen. Bij hun huwelijk werd vader Johannes Huibert van Adrichem als "schrijver" vermeld. 

Als Geerdjen negen is, gaat het gezin in Noetsele bij Hellendoorn wonen. Het gezin trok van stad naar stad op zoek naar werk, veelal in de textiel. Ik vond terug in de burgelijke stand van o.a. Almelo, Haarlem en Hilversum. Als Geerdjen eenentwintig jaar oud is trouwt ze met Christiaan in Nordhorn. 

Vermoedelijk zijn Geerdjen en Christiaan samen in Duitsland blijven wonen want ik kom ze in de Nederlandse archieven nergens tegen. 

Er werden drie zoons geboren; 

  • Heinrich Johann op 9-4-1886 in Nordhorn
  • Johannes Herbert, vernoemd naar zijn opa Johannes Huibert van Adrichem, op 25-4-1889 in Nordhorn 
  • Bernhard Christian rond januari 1895 in Duisburg. Hij overlijd op 9-6-1895, slechts vijf maanden oud.
Op veertien jarige leeftijd komt ook zoon Heinirch Johann te overlijden. Zoon Johannes Herbert, op dat moment elf jaar oud, groeit zijn tienerjaren op als enigst kind. In 1914 breekt zoals gezegd, de eerste wereld oorlog uit. Johannes Herbert, Jan is dan opgegroeid tot een volwassen man van vijfentwintig jaar oud. Ook Jan moest als Duitser aan zijn dienstplicht voldoen en moest vechten in het Pruissische leger. Het is mij niet bekend in welk regiment hij heeft gezeten. Jan en zijn ouders wonen bij zijn in diensttreding in Greven, bij Münster. Rond oktober 1915 raakt Jan gewond tijdens een voor mij nog onbekende strijd. 

Jan zal direct uit zijn regiment gehaald zijn en per hospitaaltrein naar een lazaret (veldhospitaal) zijn gebracht. Na zijn herstel zal hij waarschijnlijk weer teruggestuurd zijn naar het front of overgeplaatst naar een hersteleenheid in Duitsland. De Eerste wereldoorlog wordt ook wel een loopgravenoorlog genoemd. Beide legers groeven zich in om de aanval van de ander te weerstaan. De omstandigheden in deze loopgraven waren erbarmelijk. Alhoewel de Duitsers wel veel beter voorbereid waren. Modder was een grote vijand in de loopgraven. Niet alleen stierven er soldaten tijdens gevechten en aanvallen. Ook stierven er veel soldaten in de loopgraven vanwege ongedierte, de vele ratten, psychische problemen (Shell shock) de modder en ziektes veroorzaakte door de onhygiënische toestanden waarin de mannen moesten leven. De loopgraven hadden nauwelijks afwatering waardoor deze bij hevige regenval veranderden in moddersloten waar soldaten zich niet meer konden bewegen en regelmatig zelfs verdronken. Sommige soldaten werden levend begraven vanwege instortingen. 

Zeventig miljoen militairen uit dertig landen waren betrokken bij deze verschrikkelijke oorlog. In totaal zouden er zo'n twee miljoen Duitse soldaten omkomen tijdens WOI. Het totale aantal slachtoffers van de gehele Eerste Wereldoorlog is maarliefst 20 miljoen mensen waarvan 10 miljoen soldaten en 10 miljoen burgers. 

Jan's rang was "Gefreiter", vergelijkbaar met Soldaat eerste klasse. Hij zal vooraan hebben gevochten hebben in de strijd en hij heeft in elk geval duizende kilometers mars gelopen en zware gevechten meegemaakt. Of Jan na zijn herstel weer verder moest vechten is mijn niet bekend. Hij zal verschrikkelijke dingen hebben gezien en meegemaakt en ook hij zal psychisch niet ongeschonden uit de strijd zijn gekomen. Wel is bekend dat hij de oorlog heeft overleefd en terug naar zijn geboortestreek is gegaan waar zijn ouders nog woonden. Wanneer vader Christiaan is overleden kan ik niet vinden. Moeder Geerdjen van Adrichem overleed als weduwe op 11 mei 1950, 's ochtends om half zeven in een verzorgingstehuis in de stad Groningen. De directeur van het verzorgingstehuis geeft haar overlijden aan. Waarom Geerdjen juist daar in Groningen is gaan wonen nadat ze haar hele getrouwde leven in Duitsland heeft gewoond is mij niet duidelijk.  

Op 29 augustus 1967 overleed Jan, Johannes Herbert Mölder op achtenzeventig jarige leeftijd, in Schüttorf. Vijftig jaar nadat hij gewond raakte in WOI. Schüttorf, de stad waar zijn neef, mijn overgrootvader Heinrich is geboren. Mij is echter niet bekend of de neven onderling nog contact hebben gehouden. Ook heb ik geen huwelijk of kinderen van Jan Mölder kunnen vinden. Daarmee is waarschijnlijk ook deze tak van een van de nazaten van de familie van Adrichem uitgestorven. 

vrijdag 1 mei 2026

Sijbrant Huijbrechtsz van Adrichem en Maertge van Noorden

 


Rond het jaar 1608 werd in Overschie een jongetje geboren. Zijn ouders; Huibrecht Dircksz van Adrichem en Elisabeth van der Bergh. Hij is de eerste in de familie van Adrichem met de voornaam Sijbrant. Waarschijnlijk komt zijn naam van zijn moederskant van de familie, maar die heb ik nog niet kunnen vinden. Soweiso kan ik amper wat over dat stel vinden. Zijn vader is een raadsel voor me, behalve zijn naam weet ik niets over hem.

Sijbrant is, zover ik heb kunnen vinden, het tweede van in totaal vier kinderen. Twee dochters en twee zonen. Hij wordt ook wel Sijbrant Huibrechtsen genoemd. Zo rond zijn 25e jaar trouwt hij op 16 juli 1634 in Overschie met Barber Ariens Huige. 

Trouwdatum: 16-07-1634
Bruidegom:Sijbrant Hubrechtse  
Bron of gezindte: Trouw gereformeerd
Bruid: Barber Huijge  
Akteplaats: Overschie


Amper twee jaar later trouwt Sijbrant met Maertge Christiaensdr van Noorden. Barber Huijge is dus kort na hun huwelijk overleden. Ik heb geen kinderen van het stel kunnen vinden. Mogelijk is ze overleden tijdens of vlak na een zwangerschap. Maertge van Noorden is de dochter van een meester-chirurgijn van het Vlaardingse Gast- en Weeshuis. Over hem schreef ik al eerder HIER.

Ondertrouw Vlaardingen: 3-10-1636 
Zijbrant Huijbrechtsz. van Arichem weduwnaar wonende tot Overschie 
Maertgen Christiaensdr. van Norden jongedogter van Vlaardingen.

Het echtpaar woonde in Overschie en kreeg daar meerdere kinderen. Waarvan vijf zoons met de naam Corstiaen. Vernoemd naar Maertgens vader. Ze overlijden allemaal op zeer jonge leeftijd, behalve het laatste jongetje. Hij is mijn voorvader Corstiaen Sijbrants van Adrichem
Na de Costiaens volgt er een tweeling; Cornelis en Pieter. Cornelis zal de volwassen leeftijd halen en trouwde met Grietie Gerrits Verschoor. Over Pieter en een mogelijk zusje Heiltie is mij niets bekend. 

En hier had ik meer over de carriere van Sijbrant willen schrijven. Naar mijn weten was hij schoenmaker en schepen van Hogeban, een voormalig buurtschp dat deel uitmaakte van het dorp Overschie. En dat de van Adrichemweg in Rotterdam naar hem vernoemd was. Sijbrant Huijbrechts van Adrichem geboren rond 1608 in Overschie. Dat moet hem zijn toch? Toen werd ik lid van de genealogische vereniging "ons Voorgeslacht" en kreeg ik toegang tot HoGenDa, de Hollandsche Genealogische databank. 

Ik vond onderstaande tekst opgemaakt door Sijbrant in zijn functie als Schepen van Hogeban. 

21-3-1659: Rekening, bewijs en reliqua die Cornelis Huijbrechtsz. van Adrichem doende is
van de ontvangst en uitgaven bij hem gehad over Maertgen, Claes en Thonis Huibrechts zijn
halve zuster en broeders en dat van al de goederen zulks dezelve zijn nagelaten en de
voorsz. kinderen aanbestorven door overlijden van Huibrecht Claesz. haar vader zal.
[ in de marge: Overgeleverd bij de rendant op 21-3-1659 aan schout en schepenen van
Overschie ten bijwezen van Sijbrant Huibrechtsz. die neffens de rendant een halve broeder
is over de voorsz. weeskinderen en nog Lucas Lucasz. in huwelijk hebbende Maertie
Cornelisdr. die een voordochter was van Bettie Theunis in haar leven huisvrouw van de
voorn. Huibrecht Claesz. Present mede Claes Huibrechtsz. een van de voorsz. kinderen.

Het gaat over de voogdijschap van zijn broer Cornelis over hun beide half broers en zussen. Maar bij het aan willen vullen in mijn stamboom vond ik een fout. Sijbrants vader is niet Huijbrecht Claesz van Adrichem maar Huijbrecht Dirksz van Adrichem. De namen van de zus Maertge en broer Cornelis klopten wel. Dacht ik... Het blijkt namelijk een hele andere familie te zijn. Ook een vader met de naam Huijbrecht, ook een zus Maertge en broer Cornelis. Achternaam van Adrichem, woonachtig in Overschie in dezelfde periode. Hoe toevallig is dat! En heel verwarrend! 

Bij het uitzoeken van deze familie kwam ik er achter dat ik deze familie helemaal door elkaar had gehaald. En ik niet alleen, de stambomen die ik vind over deze beide families op Genealogieonline en aanverwante sites kloppen ook niet. Huwelijk zijn door elkaar gehaald en daardoor hele familiebanden. Waar dit gezin van Huijbrecht Claesz afstamt kan ik niet vinden. Mogelijk zijn het neven waardoor de namen van voorouders op dezelfde manier worden doorgegeven.


Bij het verifiëren van mijn eigen gegevens begin ik zelfs aan de vader Huibrecht Dircks van Adrichem te twijfelen. Ik vond het al eerder vreemd dat vader Huijbrecht Dirks en diens vader Phillip Dirks zulke afwijkende namen hadden. Tot aan Sijbrant ken ik mijn stamboom uit mijn hoofd, daarna leek het altijd al zo'n heel verschillend gedeelte waarvan ik de namen niet kon onthouden. En waar kwam de naam Sijbrant ineens vandaan? Ik heb geen enkel familielid met die naam kunnen vinden en Sijbrant vernoemd zijn kinderen ook niet naar zijn vader of grootvader of zelfs overgrootvader, wat in die tijd eerder regel dan uizondering was. De namen Dirck en Phillip komen nergens meer terug na de vernoeming van Sijbrant.


Ik heb destijds deze informatie gekregen van Georgina van Adrichem en heb dit stuk zelf niet geverifïerd, omdat destijds de gegevens nog niet online terug te vinden was. En nu kan ik het ook niet terug vinden. 
Dom! Destijds een beginnersfout, nu weet ik wel beter. Altijd je bronnen opslaan en controleren. Tot aan Sijbrant weet ik mijn afstamming zeker, dat is gecontroleerd. Maar zijn Huibrecht Dircks van Adrichem en Elisabeth van den Berg wel mijn voorouders? Ineens ben ik helemaal in de war. De status van zijn vader Huibrecht gaat in mijn stamboomprogramma van "zeker" naar "twijfelachtig". En ik ga kijken of ik een mogelijke andere vader van Sijbrant kan vinden. En dat kan nog wel eens heel lang gaan duren. Mocht ik meer vinden dan schrijf ik uiteraard over mijn bevindingen!

zondag 12 april 2026

Familiewapens

Wat heeft de Schotse koning "William I" te maken met het familiewapen van de familie van Adrichem? 

Koning William I

William I was een Schotse koning die regeerde van 1165 tot 1214. Het was een grote, sterke maar ook koppige man met vlammend rood haar. Hij trouwde met Ermengarde de Beaumont, een achterkleindochter van de Engelse koning Henry I (1068-1135). Henry I was het jongste kind van Willem de Veroveraar

Koning Malcolm IV

William zelf was de zoon van prins Hendrik van Schotland en Ada van Warenne. Hendrik en Ada kregen de volgende kinderen: Malcolm, William, Margaretha, David, Ada en Mathilde. 

Oudste zoon Malcolm werd op twaalf jarige leeftijd koning toen eerst zijn vader vrij onverwacht en daarna zijn grootvader koning David I overleden. De jonge Malcolm zelf had een zwakke gezondheid en na een lang ziektebed overleed hij op vijfentwintig jarige leeftijd. De troonopvolging ging vervolgens naar zijn jongere broer William. 

Koning Willam I

De tweeëntwintig jarige Koning William I kreeg de bijnaam "de Leeuw". Misschien was hij sterk en dapper, misschien vanwege zijn vlammende rode haar. Hij is de eerste koning die een rode leeuw als familiewapen zou gaan gebruiken. Nog steeds wordt deze vlag met rode leeuw gezien als de onofficieële koninklijke vlag van Schotland. 


Williams zus; prinses Ada van Schotland (1145-1204) trouwde met graaf Floris III van Holland. Hij was een zoon van graaf Dirk VI en Sophia van Rheineck. "William the Lion" en Floris III hadden een goede verstandhouding. William benoemde Floris tot rijksvorst en "Earl van Ross" hoewel hij die laatste titel later weer zou moeten opgeven.  

Floris III van Holland

Floris III werd zo de eerste graaf van Holland die de Hollandse Leeuw op zowel zijn munten als zijn wapenschild voerde. Alle volgende graven uit het Hollandse huis zouden hem daarin volgen. Als gevolg hiervan werd het wapen vereenzelvigd met het graafschap Holland, en uiteindelijk met de provincie Zuid-Holland. 

Uit de afstamming van de graven van Holland komt ook het geslacht van Teylingen. Van welke Hollandse graaf de eerste heer van Teylingen afstamt blijft onduidelijk, maar dat de familie van Teylingen nazaten zijn van de graven van Holland is aan hun familiewapen duidelijk te zien. 

Het wapen van de familie van Teylingen is net zoals bij koning "William the Lion" een rode leeuw op een schild van goud. Het verschil hier is de zilveren barensteel die over de leeuw is aangebracht. Destijds was het gebruikelijk om met een barensteel aan te geven dat de afstamming niet via de oudste zoon ging, maar via de jongste zoon, die niet voor directe opvolging in aanmerking kwam. Een barensteel van edelmetaal past heel goed bij de grandeur van de familie van Teylingen die destijds hoog in aanzien stonden bij het Hollandse gravenhuis.  

"In goud een leeuw van keel, getongd en genageld
van azuur, met over de borst een barensteel van
zilver." 

Willem van Teylingen is de stamvader van de familie van Teylingen. Hij trouwde met Agniese van Bentheim, woonachtig op het slot Bentheim. Samen kregen ze zoon Dirk van Teylingen, heer van Brederode (Dirk I van Brederode). Hij liet een kasteel bouwen op een "brede roede"; een breed stuk grond dat ontbost was. Dirk werd daarmee de stamvader van de familie van Brederode. 

Waar het familiewapen van de familie van Teylingen een zilveren barensteel heeft is het verschil met het familiewapen van Brederode een barensteel van azuur. Waarmee aan werd gegeven dat hij niet de oudste zoon was en hij dus niet zijn vaders opvolger was.


Dirk trouwde met Alverade van Heusden. Uit dit huwelijk werd Heer Willem I van Brederode geboren. Er is een reconstructie gemaakt van het skelet van Willem I van Brederode en zijn vrouw. Willem, die in 1255 tot ridder werd geslagen zie je hier onder in volle uitdossing, het familiewapen goed te zien.  
Willem I van Brederode

Tijdens de regering van Floris V behoorde Willem I van Brederode tot de rijkste en aanzienlijkste edelen van het graafschap. Hij trouwde met de weduwe Hillegonda van Voorne. Zij was een dochter van de Heer van Voorne. Uit dit huwelijk werden tenminste vijf kinderen geboren. 
Echter, Willem had ook meerdere onechte kinderen met Margaretha van Merwede. Zij was een dochter van de ridder Heer Daniel IV van Merwede. Tenminste drie bastaard zonen kwamen uit deze relatie voort. Het jongste kind kreeg de naam Floris I de Scoten van Adrichem. Hij is de stamvader van de familie van Adrichem. 
Het familiewapen van van Adrichem wordt beschreven als; in goud een rode leeuw, blauw getongd, beladen met een zilveren hartschild waarop een zwart wiel, overladen met een blauwe barensteel over de borst. Ook hier is aan het familiewapen duidelijk de rode leeuw en de azuur blauwe barensteel als afstammeling van de familie van Brederode te zien. De toevoeging is het zilveren hartschild met zwart wiel. Het wiel in het hartschild kan wijzen op een afstamming van de familie van Heusden die ook een wiel in hun wapen hebben. 



De familiewapens van de families van Teylingen, Brederode en van Adrichem zijn met de duidelijk herkenbare rode leeuw een van de oudste en meest herkenbare wapens binnen de Hollandse adel. En die van de familie van Adrichem specifiek binnen het Delftse en Haarlemse regentenmilieu. Er bestaan verschillende familiewapens voor de naam Van Adrichem. Familiewapens werden namelijk aan specifieke families of individuen gekoppeld en niet aan de achternaam in het algemeen, daardoor bestaan er meerdere variaties. Ondanks de kleine verschillen in de wapens is wel duidelijk de afstamming van de familie te herkennen.  


Traditoneel gezien werd een familiewapen gedragen op een schild. Vooral in de middeleeuwen werden ridders in steeds zwaardere harnassen gehuld. Er kwamen gesloten helmen waardoor je moeilijk kon zien. Om in het heetst van de strijd te kunnen onderscheiden wie vriend of vijand was moest elke ridder zijn eigen teken op een zijn schild afbeelden. Deze tekens werden al snel belangrijke symbolen. 
Ze werden ook gebruikt op gevelstenen, documenten, banieren, zegelringen, lakzegels en grafstenen. Zo onstond de heraldiek of wapenkunde; hierin werden de regels en gebruiken vastgelegd die rond deze cultuur was ontstaan. Een heraut ontwierp vaak wapenschilden en noteerden al deze wapens in een wapenboek. In tijden van oorlog werden door de herauten lijsten samen gesteld van ridders die naar het slagveld gingen. Zo werd het makkelijker om gesneuvelde ridders te identificeren. 

Oorspronkelijk hadden ridders een uniek wapeschild, later gingen zonen hun vaders wapen gebruiken, vaak met kleine wijzigingen. 

Wapens moesten destijds duidelijk, herkenbaar en zichtbaar zijn van veraf. Daarom moeten wapens zo eenvoudig mogelijk zijn en ook kleur was daarom erg belangrijk. Er werd gebruik gemaakt van de twee metalen; goud (geel) en zilver (wit) en vier email kleuren (niet zoals e-mail, de digitale post, maar zoals emaille 😄); rood (keel), blauw (azuur), zwart (sabel) en groen (sinopel). Figuren worden altijd afgebeeld op een achtergrond van goud of zilver en de figuren zijn van kleur zodat er voldoende contrast is. Omgekeerd kon ook het geval zijn. Elke kleur kan een symbolische betekenis hebben, dit kan echter verschillen per tijdsperiode, land of persoon. Ook gelden er regels voor het gebruik van kleur, zo mag metaal niet met metaal gecombineerd worden, dus geen zilver op goud, en email niet op email. 


De wapenschilden van de familie van Teylingen, van Brederode en van Adrichem onderscheiden zich van het wapen van de koning van Schotland en de graven van Holland door een zogenaamde barensteel. Dit is een breuk door het wapen waarmee een zoon zich onderscheidt van zijn vader. Ook werd het gebruikt als aanduiding van een jongere familietak. Alleen de oudste zoon had het recht om het volle familiewapen te voeren. De jongere moesten er veranderingen in aanbrengen, dit zijn vaak de breuken. Maar ook door een wapenkleur te wijzigingen, weglatingen of verplaatsingen aan te brengen. Zoals duidelijk te zien is bij bovenstaande wapens van de familie van Adrichem. 
Aan de barensteel vindt je pendanten of banners, meestal een stuk of drie. Tijdens vroegere veldslagen en toernooien voerden vaders het familiewapen op zijn schild, de oudste zoon had een schild dat half was afgeschermd met een doek. De jongere zonen hadden banners over hun schild. Sneuvelde de vader dan trok de oudste zoon het doek van zijn schild en werd hij de drager van het familiewapen. De jongere zonen trokken één van de banners van het schild. Dit is mogelijk de betekenis van de pendanten die je aan de barensteel kunt vinden. 

Naast de rode leeuw heb ik ook wapenschilden van de familie van Adrichem gevonden met een pijlstaartslang of "serpent" genoemd. Vermeld staat bij dit wapen; in blauw een verticaal geplaatste, gouden pijlstaartslang met een gekrulde staart en pijltong. 

Een slang of serpent kan o.a. staan voor; wijsheid, geneeskunde, transformatie of oneindigheid. Een geknoopte slang kan binnen de Heraldiek staan voor verbondenheid binnen een familie. De slang werd in de renaissance sterk geassocieerd met de deugd 'Prudentia' (voorzichtigheid en wijsheid). 

De slang tref ik namelijk vooral aan bij de Delftse familietak die in deze tijd leefden. Voor een familie van bestuurders en regenten in een stad als Delft was dit een passend en eervol symbool. Aangezien er geen bewijs is dat de Delftse tak afstamt van de adelijke tak kan het zijn dat ze daarom een nieuw symbool hebben gekozen.


Overigens stam ik wel degelijk af van de adelijke familie's van Teylingen, Brederode en van Adrichem, alleen dan met een omweg zoals je hierboven kunt zien. 

Ik ben ook een combinatie van beide wapenschilden tegen gekomen. Dit is een zogenaamd "gevierendeeld" schild met vier kwartieren. Deze worden van links boven naar rechts onder gelezen. Het wapen links boven is daarbij het belangrijkste in het schild. Een gevierendeeld wapen wordt vaak gebruikt om meerdere familiewapens te combineren. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij een huwelijk tussen twee adellijke families of wanneer iemand verschillende titels.

Het wapen kan bestaan uit alleen een schild, maar er kan ook rondom een zogenaamde schilddekking zijn toegevoegd. Bovenop het schild staat dan vaak een helm, twee vleugels en daarboven op een helmteken. Dit komt vaak overeen met de stukken die op het schild staan. Zoals te zien is op het onderstaand familiewapen. 

Er kunnen in plaats van de helm ook een rangkroon worden toegevoegd, dit verschilt per rang binnen de adel. Maar ook een wapenspreuk of wapenmantel kan je als toevoeging vinden. En in gevelstenen zie je vaak zogenaamde schildhouders; vaak (fabel)dieren of menselijke figuren aan weerzijden van het wapen. Onderstaand het onderstaande koninklijk wapen van Nederland, compleet met rangkroon, wapenmantel, schildhouders en wapenspreuk. 

Koninklijk wapen van Nederland

Nog steeds is het mogelijk om een familiewapen te laten maken voor je familie als deze niet bestaat. Het wapen moet dan voldoen aan de regels van de heraldiek en uniek zijn. 


Voor onze tak van de familie zal geen specifiek wapen zijn, neem ik aan, aangezien onze afstamming niet via de lijn van oudste zonen gaat. Daarom heb ik AI maar even aan het werk gezet voor ons onofficiële eigen exemplaar!

Wil je meer weten over de adelijke familie's van Holland? Neem dan eens een kijkje op de prachtige, uitgebreide site van John Ooms

Update: Ik vond nog een zegel van mijn voorouder Dirk Phillipsz van Adrichem. Deze heeft hij gebruikt in zijn functie als schout van Schoonderloo. Duidelijk is de pijlstaartslang op het wapen te zien.





 



woensdag 1 april 2026

Straatnamen

Vorige week kreeg ik een opmerking van iemand die nog nooit van mijn achternaam van Adrichem had gehoord. Ik hoor het vaker hier in het oosten van het land. Hoe anders is het in het westen van het land. Rotterdam, Delft, Haarlem, Beverwijk, daar is de naam veel bekender. 

Er zijn een aantal verschillende familie's van Adrichem. Er zijn o.a. de Haarlemse tak, de Westlandse tak en de Delftse tak, waar mijn familie oorspronkelijk van afstamt. Allemaal vernoemd naar de adelijke familie van Adrichem die zijn oorsprong rond Beverwijk vind. Alleen betekend een vernoeming niet vanzelfsprekend ook een afstamming van deze adelijke familie. Voor dat Napoleon in 1811 de vaste achternaam invoerde kon een familie naam nogal eens gewijzigd worden of vervallen. Zo werd in mijn familie pas rond 1500 de achternaam van Adrichem gebruikt terwijl de naam van Adrichem in de 8e eeuw voor het eerst gebruikt werd. 

Of de bovengenoemde takken ook onderling verwant zijn aan elkaar is niet bekend. Er zijn ook familie's die naast de achternaam van Adrichem ook nog een toevoeging hebben zoals Cavelier van Adrichem, van Adrichem Boogaert en van Adrichem van Dorp. 

In het westen van het land zijn er een aantal straten, wegen en lanen vernoemd naar prominente van Adrichem's. 

Zo heb je in Haarlem de; Floris van Adrichemlaan. Deze straat is vernoemd naar Floris Willemszoon van Adrichem. Floris werd geboren rond 1509 als zoon van Willem Pietersz Speyart en Geertruidt Florysdr van Adrichem. Floris was een invloedrijke en rijke Haarlemmer in de 16e eeuw. Hij bezat meerdere huizen en landerijen in Haarlem. De Floris van Adrichemlaan ligt in de Boerhavewijk in Haarlem, waar de meeste straten vernoemd zijn naar medici. Hoewel hij geen arts was dankt hij zijn vernoeming aan de grote betekenis die hij voor de gezondheidszorg in de stad heeft gehad. Hij was de man achter de eerste statuten van het historische "Sint Elisabeth Gasthuis". Bij zijn overlijden in 1554 liet hij zijn landerijen na aan het Gasthuis. Hij bepaalde in zijn testament dat met de opbrengst van deze landerijen het gasthuis ondersteund moest worden en er een vaste arts moest worden aangesteld. Ook wilde hij er een groot bedracht besteed werd aan medicijnen en eten voor de zieken. Vooral kip, wijn, wit brood en suiker. Het was vooral een ziekenhuis voor de arme laag van de bevolking, de rijken werden thuis verpleegd, en hij had het beste met hen voor. Tegenwoordig zouden de artsen vraagtekens zetten bij een dieet van vlees, wijn, suiker en wit brood... Uiteindelijk heeft het ziekenhuis maarliefst vier eeuwen bestaan en is uiteindelijk op gegaan in het Spaarne Gasthuis, het huidige ziekenhuis in Haarlem. 

De voormalige poort van het Elisabeth Gasthuis. 

De van Adrichemlaan in Beverwijk is vernoemd naar het voormalige kasteel Adrichem, dat tot de 1812 in dit gebied stond. Na de sloop van het kasteel in 1812 bleef de naam behouden aan de latere boerderij "Hoeve Adrichem". De naam Adrichem of Adrichaim betekend letterlijk het heem/heim (de woning) van een persoon die Adric heeft geheten. Rond 722 stond hier een versterkte hoeve met die naam. Tegenwoordig vind je op die plek alleen nog het sportpark Adrichem. 

Kasteel Adrichem

Ook in onze hoofdstad is een Adrichemstraat te vinden. In de Amsterdamse Spaarndammerbuurt vind je de straat die is vernoemd naar Christiaan van Adrichem. Hij stamt net als ik af van de Delftse familietak en daardoor zijn we zijdelings verwant. Ik schreef HIER al eerder zijn levensverhaal. Christiaan was een priester en schrijver en is vooral bekend geworden door zijn kaarten van het historische Jeruzalem. 

Kaart van Jeruzalem door Christaan van Adrichem

De Van Adrichemstraat in Delft is vernoemd naar de familie waarmee ik mijn wortels deel. De nazaten van de broer van mijn rechtstreekse voorouder Philip Claesz van Adrichem waren een invloedrijk geslacht in de 16e en 17e eeuw in Delft. Ze speelden een prominente rol in het Delftse stadsbestuur. Over deze familie schreef ik al eerder. Deze verhalen vind je onder DEZE link. Deze straat is dan ook niet vernoemd naar één persoon, maar naar de hele Delftse burgermeestersfamilie. 

Via mijn voorouder Philip Claesz van Adrichem kwam mijn kant van de familie uiteindelijk in Rotterdam terecht. En ook daar vind je de Van Adrichemweg. Deze weg ligt in de wijk Overschie en is ook vernoemd naar Delftse familietak. Van mijn voorouder Philip heb ik weinig kunnen vinden. Maar ik ben nieuwsgierig of hij en zijn zonen ook mee hebben gelift op de invloed en het succes van zijn broer en diens kinderen. Philip en zijn nakomeling bekleeden ook belangerijke functie's in het stadsbestuur van Delfshaven, Overschie en omgeving maar waren lang niet zo succesvol als de Delftse burgermeesters. De vernoeming van de straat vereert de historische rol van deze familie in het lokale bestuur. 


In het oosten van het land is helaas nog geen straat met de achternaam van Adrichem te vinden. Maar dingen kunnen veranderen. Wie weet hangt er over honderd jaar wel een straatnaambordje met mijn naam hier in Enschede. 
Een vrouw mag toch dromen? 😁



zondag 15 maart 2026

Kindred spirit

Onlangs nam Willem van Adrichem contact met mij op. Een in Amerika woonachtige Nederlander die net als ik onderzoek doet naar zijn familiegeschiedenis. Wel dezelfde achternaam, maar de verwantschap ligt waarschijnlijk zo'n 15 generaties terug. Waar bij mij meer de focus ligt op het onderzoek naar de levensverhalen van mijn individuele voorouders, ligt bij Willem meer de focus op het onderzoek naar de achternaam van Adrichem. Hij heeft dit onderzoek overgenomen van zijn inmiddels overleden tante Jeanne van Adrichem. Zij is mede verantwoordelijk voor het in 2001 uitgebrachte boek "Van welke van Adrichem bij jij er een?". Hoewel onze tak van de van Adrichem's niet in dit boek vermeld zijn, heb ik het boek wel in de kast staan. Dit kon niet ontbreken in mijn verzameling boeken over mijn voorouders en aanverwante onderwerpen. Ook Georgina van Adrichem hielp mee aan het boek. Van haar heb ik destijds veel informatie gekregen over mijn voorouders. 

Willem mag graag, zoals hij het zelf verwoord, knoeien met websites. Zijn bevindingen heeft hij dan ook op zijn prachtige website geplaatst. Omdat dit ook een grote wens van mij is, ben ik dan ook enorm jaloers op zijn website! 
Ook ik zou graag een mooie website hebben waar ik de verhalen die ik heb geschreven gemakkelijk aan mijn stamboom kan koppelen. Helaas ontbreekt het mij hier voor nog aan de nodige kennis hoewel ik me al wel verdiept heb in bijv. TNG. Voorlopig blijf ik maar gewoon op deze houtje-touwtje achtige manier doorknutselen aan deze blog. Het gaat tenslotte niet om de vormgeving, maar om de verhalen van mijn voorouders. 


Al jaren werd er, mede door Jeanne van Adrichem gezocht naar de missing link tussen de nazaten van de adelijke familie van Adrichem en de huidige familieleden met die achternaam. Willem heeft een mogelijke nieuwe aanwijzing gevonden waarmee de families aan elkaar kunnen worden gelinkt. Een erg interessante theorie over een familie waarover ik ook al meerdere keren heb geschreven. Mocht er meer duidelijkheid hier over komen dan giet ik dat vast in een verhaal voor hier op mijn blog!

Willems website geeft me ook weer inspiratie voor het schrijven van nieuwe verhalen. De informatie die ik online kan vinden droogt langzaam op en het wordt steeds moeilijker om onderwerpen te vinden om over te schrijven. De verhalen worden korter, de onderwerpen minder interessant, maar ik blijf mijn best doen om regelmatig nieuwe verhalen te schrijven. Soms komen er ineens weer veel nieuwe verhalen bij, en zo is het weer lange tijd stil, maar achter de schermen wordt nog steeds ijverig gezocht.

Wil je graag meer weten over de achternaam van Adrichem dan raad ik het zeer aan om een kijkje te nemen op de website van Willem. De link naar de website vind je HIER. Omdat de kinderen van Willem beter Engels dan Nederlands spreken, is de website ook te vertalen naar het Engels. 



zondag 1 februari 2026

Frederik Johannes van Adrichem

Op 6 november 1887 werd aan de Horssteeg (thans Emmastraat) in Enschede, Frederik van Adrichem geboren. Frederik was een zoon van Johannes van Adrichem en Judith Langkamp. Bij zijn geboorte bestond het gezin uit broer Albert van drie jaar oud en zus Johanna die slechts 13 maanden jonger is dan Frederik. Frederik werd vernoemd naar zijn oma van moeders kant; Frederica Godschalk. 

Johannes van Adrichem en Judith Langkamp

Na de geboorte van Frederik werd in 1889 broertje Heinrich geboren. Als Frederik vier jaar is overlijdt zijn zevenjarige broertje Albert. Zijn zusje Albertina werd geboren en overleed na één jaar en zestien dagen oud. Zusje Barendjen werd een jaar na het overlijden van Albertina, in 1894 geboren. Zij werd vernoemd naar haar grootvader Barend Langkamp die in 1895 overleed. 

Zijn tante Johanna Catharina Vitjeroo en haar man Abraham de Roo overleden op jonge leeftijd en lieten drie zoons; Stephanus Johannes (1880), Johann Martin Hubert (1883) en Wilhelm Friedrich (1885) als wees achter. Vader Johannes van Adrichem werd voogd van de jongens. Mogelijk kwamen de drie zoons bij het gezin inwonen. De neefjes waren toen tussen de zestien en elf jaar oud. Frederik was op dat moment acht jaar. 

Johann Martin Hubert de Roo

Het gezin van Johannes en Judith hebben tussen 1887 en 1896 afwisselend in Duitsland in Frensdorf (Nordhorn), Ibbenbüren en Schüttorf gewoond. De neefjes van Frederik groeiden op in het Duitse Rheine. Na het overlijden van de oom en tante van Frederik ging het gezin weer in Enschede wonen waar in 1896 zusje Alberdina werd geboren. Zusje Barendjen is niet meer te vinden op de gezinskaarten nadat ze weer in Enschede ging wonen, waarschijnlijk is zij voor haar zevende jaar in Duitsland overleden. Haar overlijden heb ik echter nooit kunnen vinden. 

Zusje Judith werd geboren in 1900 en als laatste kind werd broertje Johannes geboren in 1903. Frederik was op dat moment vijftien jaar oud. 

Johannes van Adrichem (1903-1980)

Het was een groot gezin waar het verlies van de drie broertjes en zusje veel verdriet met zich mee zal hebben gebracht. Tel daarbij op de drie neefjes die mogelijk bij het gezin in zijn komen op en je begrijpt dat het geen rooskleurige jeugd kan zijn geweest en het moeilijk moet zijn geweest om als familie rond te komen. 

Frederiks oma Frederica overlijdt en de neefjes gaan één voor één trouwen. Ook zijn oudste zus Johanna Huberta trouwde. Frederik is dan de oudste nog thuiswonend kind. In 1907 als Frederik twintig jaar is moet hij zich melden voor de loting van voor de Nationale Militie. Hij wordt afgekeurd vanwege gebreken. Dat betekend dat hij niet in dienst hoefde. 


Daarna blijft het akelig stil rondom Frederik. Als enige van zijn broers en zussen trouwde hij niet en kreeg kinderen. Misschien zijn de gebreken waarover gesproken worden bij de Nationale Militie wel van dien aard dat hij geen geschikte huwelijkskandidaat is? Pas tien jaar later in 1917 kom ik in een krantenartikel zijn naam weer tegen. 


Frederik staat ingeschreven voor de Landstorm. De Landstorm was een leger van bewapende burgers die werd opgericht ter ondersteuning van het leger. Een voorloper van het Korps Nationale Reserve. Ze trainden in hun vrije tijd en kregen wapens en militaire uitrusting uitgereikt. De eerste wereldoorlog was in 1917 nog in volle gang en Frederik zal vast hebben geholpen de landsgrenzen te bewaken. Ik kan geen archieven van de Landstorm vinden waarin Frederik voorkomt of wat de werkzaamheden of omstandigheden zijn geweest. Het is in elk geval het laatste teken van leven van Frederik. 



Na 1917 kan ik niks meer over Frederik vinden, ook geen overlijden. Ik vind het een mysterie. Waar is die man gebleven? En waarom is er in de familie niets over hem bekend? Mijn opa is naar hem vernoemd maar ik heb nooit iets over hem gehoord. Hij is toch tenminste dertig jaar oud geworden. Na minstens vijftien jaar zoeken blijft hij degene die ik het liefst wil vinden. Wat is er met hem gebeurd en waar is hij gebleven? 


Ik heb gezocht op oude foto's, wie kan hij zijn? Is hij de man in het uniform in het midden van de foto, rechts naast mijn opa? Ik herken alleen mijn opa en heb geen idee wie die andere mensen zijn. Maar dit is de enige foto waarvan ik denk dat hij het zou kunnen zijn. Deze foto geplaatst op een stamboomforum heeft niets opgeleverd. 

Ik heb gezocht in het buitenlandse leger, zelfs bij het vreemdelingen legioen. Hij lijkt spoorloos van de aardbodem verdwenen. Een overlijden heb ik in Duitsland ook niet kunnen vinden. Misschien binnenkort maar een bezoekje aan het Stadsarchief brengen, misschien dat ik op die manier verder kom. 

vrijdag 9 januari 2026

Anna van Adrichem

Ik heb haar vaak genoemd in eerdere post, maar ze heeft nog niet een eigen verhaal gehad dat alleen om haar leven draait. Mijn oudovergrootmoeder; Anna van Adrichem. Zij is de onderbreking in mijn patrilineaire reeks, de ongehuwde moeder met haar onechte zoon, waardoor mijn achternaam "van Adrichem" niet uitsluitend via de mannelijke lijn werd doorgegeven.  

Het verhaal van haar leven begint in september 1760 in Rotterdam. Op de Binnenweg in Rotterdam wordt er een meisje geboren. Het is 18 september 1760, een heldere zonnige dag als het pasgeboren meisje gereformeerd wordt gedoopt en ze haar naam krijgt. Anna wordt haar naam. Vernoemd naar haar oma van vaderskant; Anna van der Meer, die ook één van de doopgetuigen is. 

Doop Anna van Adrichem

Ik vermoed dat Anna gedoopt is in de Laurenskerk te Rotterdam. Op dat moment de hoofdkerk van de stad en de belangrijkste gereformeerde kerk in Rotterdam. Deze kerk ligt op slechts 15 minuten lopen vanaf de Binnenweg waar het gezin woonde. Deze Middeleeuwse kerk werd met het bombardement van 1940 zwaar beschadigd maar werd op bevel van Hitler hersteld en is nog steeds in gebruik.

Laurenskerk

De vader van dit pasgeboren meisje was de Rotterdammer Johannis Sijbrants van Adrichem, roepnaam Jan. Haar moeder was de uit Alphen afkomstige; Hester Dirks Molenaar. Deze kleine Anna was het zesde kind van Hester en Jan, maar het eerste kindje in leven zou blijven. 

Vader Jan was ook al eerder getrouwd geweest met zijn achternicht; Marietje Pons. Ze kregen samen een doodgeboren kindje waarna Marietje twee jaar later zelf ook komt te overlijden. Mogelijk overlijd zij vanwege een nieuwe zwangerschap.  

In 1753 werd het eerste dochtertje van Jan en Hester geboren. Ook zij kreeg de naam; Anna. In 1755 kwam de eerste zoon ter wereld; Dirck. Vernoemd naar de opa van zijn vaders kant; Dirk Molenaar. Slechts vijftien dagen heeft kleine Dirck geleefd. Op 28 mei werd het ventje begraven in Hilligersberg.  Hij kreeg een kleedje van vijf stuivers over zijn kistje en werd buiten de Hillegondakerk begraven. 

Op 20 mei 1756 werd er een levenloos jongetje geboren. Hij werd net zoals zijn broertje Dirk, begraven in Hilligersberg, buiten de kerk en kreeg geen kleed om zijn kistje mee af te deken. Slechts enkele dagen na zijn begrafenis overleed op 11 juni 1756, een maand voor haar derde verjaardag, het eerste kindje Anna. Op 12 juni moesten haar ouders haar kleine lichaampje begraven in Hilligersberg. Ze kreeg een kleed van 0,10 cent om haar kistje mee te bedekken waarna ze ook buiten de kerk begraven werd. Op 9 mei 1757 werd er opnieuw een levenloos kindje van Jan en Hester begraven in Hilligersberg. Ook dit ongedoopte, naamloze kindje kreeg geen kleed.

Pas drie jaar later is Hester opnieuw zwanger, voor de zesde keer. De angst om weer een kindje te verliezen zal groot zijn geweest er werden immers al vijf kindjes van Jan en Hester begraven. Tegen alle verwachtingen in, groeide Anna op en werd ouder en ouder. 

Als Anna drie jaar is wordt er een broertje geboren. Zijn naam wordt Sijbrant, geboren in 1763 en vernoemd naar zijn opa van vaders kant; Sijbrant Corstiaens van Adrichem. Maar dan gebeurd er opnieuw waar ze zo bang voor zijn. Kleine Sijbrant overlijd als hij zeventien maanden oud is. Ook hij wordt in Hilligersberg begraven, maar zonder kleed. In 1766 verwelkomd het gezin opnieuw een dochter; Maria. Vernoemd naar oma van moederszijde; Maria Vos. 

Na de geboorte van Maria volgden de geboorte van nog twee meisjes. Adriana in 1768. Vernoemd naar de doopgetuige en oudste zus van haar vader; Adriana Sijbrantse van Adrichem. Hoeveel ongeluk kan een gezin hebben? Ook dochtertje Adriana overlijd als ze drie jaar is. Net als haar overleden broertjes en zusjes werd ook Adriana begraven buiten de kerk van Hilligersberg, met een kleed van 0,10 cent. 

Zusje Elisabeth werd geboren werd in 1771. Zij werd vernoemd naar de oudste zus van haar moeder; Elisabeth Dirks Molenaar, die ook de doopgetuige was. Net als Maria en Anna groeide Elisabeth op tot een jong meisje. Maar als Anna negentien jaar oud is gebeurd het opnieuw. Haar achtjarige zusje Elisabeth overlijd. Dit moet toch het grootste verlies van het gezin zijn geweest. Elisabeth werd in de Hilligersberg in de kerk zelf begraven op 22 juni 1760. Volgens het gaarderregister zijn de kosten van haar begrafenis f2,50. 

Wat een enorm verdriet. Hester was negen keer zwanger en er overleden zeven kindjes. Alleen Anna en zusje Maria zouden de volwassen leeftijd halen. Ik vond nog een overlijden van een achtjarige kindje van een Johannes van Adrichem in 1760. Vermoedelijke geboren in 1752, het jaar waarin Hester en Jan trouwden, maar ik kan de doop niet vinden dus zeker ben ik niet. Mocht dit ook een kind van Jan zijn geweest dan verloor hij maar liefst negen kinderen en zijn eerste vrouw. Onvoorstelbaar!

Hoek Binnenweg-Coolsingel

Al het leed van dit gezin vond plaats aan de Binnenweg in Rotterdam waar het gezin tenminste van 1753 tot en met 1766 heeft gewoond. Deze straat heeft het bombardement van 1940 overleefd en is de enige nog bestaande vooroorlogse winkelstraat in Rotterdam. In deze straat heb je nog een beetje een idee van hoe mooi vooroorlogs Rotterdam er moet hebben uitgezien. Het gezin woonde ook bij de prachtige Delftse Poort en bij de Coolsingel. Twee plekken die nu totaal onherkenbaar zijn veranderd.

Delftse Poort

De dood hoorde in die tijd meer bij het leven. Niet alleen broertjes en zusjes maar ook grootouders, ooms en tantes, neefjes en nichtjes stierven jong. In 1766, Anna was vijf jaar oud, toen haar oma Maria Vos overleed, vlak voor de geboorte van zusje Maria. In 1770 overleed oma Annetie, de grootmoeder waar Anna naar werd vernoemd. 

Hun laatste overgebleven grootouder, Sijbrantse Corstiaens van Adrichem, kwam in 1773 te overlijden. Hij overleed ook aan de "cingel in Cool". Ik vermoed dat hij bij het gezin inwoonde. Hij werd ook begraven in de Hillegondakerk in Hilligersberg en kreeg een kleed van één gulden over zijn kist. De totale kosten van de uitvaart waren f5,10. De reis die het gezin met hun overleden kindjes en hun overleden ouders zo vaak moesten maken naar de protestantse begraafplaats in Hilligersberg was een behoorlijke. Te voet duurde de reis minstens een uur. 

Kerk en begraafplaats Hilligersberg

Ik weet zo weinig van de jeugd van Anna. Gingen de zusje Anna, Maria en Elisabeth naar school? Kon ze haar naam schrijven? Moest ze vroeg van school om haar moeder te helpen? Moest ze al jong werken om te helpen in de kosten van levensonderhoud? 

Anna bereikte in elk geval de volwassen leeftijd in tegenstelling tot bijna al haar broertjes en zusjes. Anna was nu oud genoeg om te trouwen, maar dat gebeurde niet, ze zou haar hele leven ongetrouwd blijven. Waarom? Was er iets mis met haar? Met haar uiterlijk? Psychisch? Ik ben er zo benieuwd naar...

Coolsingel voor de demping en bombardement. 

Wat doet Anna in haar leven als ongetrouwde vrouw? Hoe voorziet ze in haar levensonderhoud? Is ze dienstmeid? Woont ze nog bij haar ouders? Verzorgt ze haar ouders? Ik kan er niets over vinden in de archieven. 

Anna is zevenentwintig als haar vijf jaar jongere zus Maria op tweeëntwintig jarige leeftijd pro deo trouwt met de Duitse Pieter Jurgens. Precies negen maanden later komt het eerste kindje van Pieter en Maria ter wereld. Ze zullen in totaal vier kinderen krijgen van wie er maar één ouder dan vijf jaar wordt. Deze dochter; Johanna Jurgens, sterft op tweeënveertig jarige leeftijd, vier jonge kinderen achterlatend. De jongste slechts negen maanden oud. Van hun enige zoon kan ik niks terug vinden. Hun moeder Maria Jurgens-van Adrichem overleeft vermoedelijk al haar kinderen. 

Anna wordt een "oude vrijster". Als je rond je vijfentwintigste nog niet getrouwd bent en geen kinderen hebt gekregen dan ben je in de 18e eeuw echt een oude vrijster. Maar tegen alle verwachtingen in bevalt Anna als ze drieëndertig jaar is op kerstavond 1793 van een tweeling. 

De kinderen worden geboren aan de Hoogstraat, daar is in die tijd ook een ziekenhuis dus ik neem aan dat ze daar bevallen is. Haar ouders wonen op dat moment aan de Coolsingel.

Hoewel Anna gereformeerd is, worden haar kinderen op 7 januari 1794 Rooms Katholiek gedoopt in de prachtige Rosaliakerk aan de Leeuwenstraat. Er is geen familie bij de doop aanwezig. De doopgetuigen zijn twee onbekenden mannen; Fransiscus Barré en Wijnandus Josephus Buchet. De kinderen krijgen de namen Johannes van Adrichem, vernoemd naar Anna's vader en Wijnandus Josephus van Adrichem, vernoemd naar de onbekende doopgetuige. 

Rosaliakerk Rotterdam

Bij de geboorte van een buitenechtelijk kind had de vroedvrouw de plicht om tijdens de bevalling aan de vrouw in barensnood de naam van de vermoedelijke vader te vragen. Maar ik denk dat geen van deze twee mannen die bij de doop aanwezig waren de daadwerkelijke vader is van deze jongetjes. Als ongehuwde moeder zal ze waarschijnlijk uit schande de kinderen niet hebben mogen dopen in haar eigen gereformeerde kerk en kon dit wel in de katholieke kerk. Of ze heeft toch gezegd verteld een van deze twee mannen de vader was, in deze kerk waar ze haar niet kenden zodat ze de kinderen kon laten dopen?

Een aantal jaar geleden heb ik mijn vaders DNA laten testen in de hoop erachter te komen wie de biologische vader van de jongens was. De meeste DNA matches hadden de Schotse achternaam Munro. Ik schreef er HIER al eens eerder over. Er woonde in die tijd een heer Munro in Rotterdam die in aanmerking zou kunnen komen als vader. Het gaat om de getrouwde Andrew Munro. Anna en hij hebben ongeveer dezelfde leeftijd. Ook zijn kinderen zijn ongeveer van dezelfde leeftijd als Johannes en Wijnandus Josephus. Misschien was Anna in dienst van de familie als dienstmeisje en is ze zo zwanger geraakt? Ik denk niet dat ik er ooit achter ga komen...

Slechts drie weken na de geboorte van haar tweeling overlijd Anna's vader Jan. Hij is dan eenenzeventig jaar oud en is overleden aan de Coolsingel. Was er nog contact tussen Anna en haar ouders? Heeft opa Jan ooit zijn kleinzoons gezien? Ik hoop dat hij toch trots was op zijn kleinzoons waarvan er één naar hem was vernoemd.

Coolsingel

Als de tweeling elf maanden oud is komt één van de twee kindjes te overlijden. Wijnandus Josephus van Adrichem wordt pro deo in Rotterdam begraven. Anna kon de kosten voor het begraven niet zelf betalen. Een half jaar later is Anna doopgetuige bij de geboorte van het zoontje van haar zus Maria. Anna had dus in elk geval wel contact met haar enige overgebleven zus.  

Als Anna drieënveertig is en haar zoon Johannes tien jaar oud, overlijdt de moeder van Anna, Hester, op tweeënzeventig jarige leeftijd. Ze overlijdt ook aan de Binnenweg in Rotterdam. 

Johannes gaat naar school, hij leert schrijven en groeit op tot een jongeman van ca. 167 cm lang, blond haar, blauwe ogen en een pokdalige huid. In 1811 bezoekt Napoleon Rotterdam. Zou de achttien jarige Johannes hebben gekeken toen hij de stad binnentrok? 

Johannes meld zich twee jaar later als twintig jarige aan bij het befaamde Franse leger van deze Napoleon. Vaak was dit een keuze uit armoede. Gek genoeg geeft hij bij zijn inschrijving de naam van een vader op; Wijnandus Josephus Buchet. Dit is de doopgetuige van zijn overleden broertje. Waarom niet Franciscus Barré die zijn doopgetuige was bij zijn eigen doop? Is dit dan toch wel zijn vader? Ik ben er niet van overtuigd. De namen van deze mannen kom ik in elk geval nergens in Nederland in de archieven tegen. Ze lijken hier niet te hebben gewoond. Mogelijk waren het ook buitenlandse soldaten. Johannes gaat in elk geval tijdens zijn gehele carrière in het Franse leger door het leven onder de naam van Joannes of Jean Buchet. 

In 1814 raakt Jean Buchet/Johannes van Adrichem gewond aan zijn linkerbeen bij de slag bij Colmar en wordt hij gevangen genomen door de Russen. Drie dagen later wordt hij vrijgelaten en vertrekt hij naar Nederland waar hij dienst neemt in het net opgerichte Nederlandse leger. Met dit leger vecht hij in 1815 tegen het Franse leger van Napoleon bij Waterloo. Het leger waar hij een jaar daarvoor zelf nog in dienst was. Met het 2e bataljon infanterie, het onderdeel waar Johannes van uitmaakt levert een belangrijke bijdrage aan de veldslag. Het Bataljon valt onder leiding van de 3e divisie van Chassé en mede door hun inzet verliest Napoleon de slag bij Waterloo. Johannes zou daar de Waterloogratificatie voor ontvangen. 

Ook ontving Johannes van Napoleon III, 50 jaar na zijn diensttijd de medaille Sainte Hélène. Dit was een medaille voor alle soldaten die tussen 1792 en 1815 in het Franse leger hebben gediend. Het certificaat van deze medaille en de brief met toestemming om de medaille te dragen ligt nu in het Rijksmuseum in Amsterdam. Grappig genoeg was diezelfde man die voor Napoleon in zijn leger had gevochten en daarvoor uiteindelijk met een medaille werd beloond, ook een van de mannen die tegen Napoleon vocht bij Waterloo en hem uiteindelijk versloegen. 

Johannes nam na de slag bij Waterloo deel aan diverse veldtochten in Europa. Ik heb wel eens gehoord van hele gezinnen die met het leger mee reisden. Zou zijn moeder Anna ook hebben meegereisd of zou ze in haar eentje in Rotterdam zijn achtergebleven? 

zicht op Rotterdam met de Laurenskerk

Johannes leerde een meisje kennen in Rotterdam. De in Veere geboren dochter van een Zwitserse soldaat. In 1816 vroeg Johannes al zijn geboorteakte op, mogelijk hadden ze al plannen om te trouwen. Maar voordat het zover was beviel Johanna Elisabeth Houter aan de Hoogstraat 246 in Rotterdam van een zoon; Johannes Huibert Houter. 

Nu is Anna op haar achtenvijftigste grootmoeder geworden. Verloofde Johanna Elisabeth vraagt ook de juiste papieren aan om te kunnen trouwen. Als haar vader Johannes Houter, overlijdt lijken de plannen toch weer even in de ijskast te komen te staan. Er wordt nog een tweede kindje geboren; Wijnandus Josephus Houter. Is hij vernoemd naar Johannes overleden tweelingbroertje of toch naar Johannes' vader? Er werd in elk geval toch weer vaart achter de trouwplannen gezet. Drie weken na de geboorte van zoontje Wijnandus Josephus trouwden Johannes van Adrichem en Johanna Elisabeth Houter met elkaar. Beide zoons werden gewettigd en kregen de achternaam van Adrichem.

Anna's kleinzoon Wijnandus Josephus overlijd in 1821 als hij acht maanden oud is. Zijn moeder is dan al hoogzwanger van een nieuwe baby. Vier maanden na het overlijden van Wijnandus Josephus werd er opnieuw een zoon geboren met de naam; Wijnandus Pieter Josephus Christiaan van Adrichem. Pieter Christiaan Jurgens was de enige zoon van Maria, de zus van Anna en de oom van Johannes. Een dubbele vernoeming dus. 

Zoon Johannes maakte carrière binnen het leger en ging over naar de Marine. Het hele gezin, inclusief zijn moeder Anna, verhuisde naar Vlissingen voor de militaire carrière van Johannes. 

Anna is dan al vierenzestig jaar en voor die tijd behoorlijk op leeftijd. Drie jaar woonde Anna in haar nieuwe woonplaats Vlissingen, waar ook een kleindochter geboren wordt die naar haar vernoemd. Wat zal oma Anna trots zijn geweest! Deze kleine Anna komt in 1826 te overlijden als ze nog maar negen maanden oud is. Het gezin woonde op dat moment aan de Kousteenschedijk bij de Duinpoort in Vlissingen.  

Het gezin verhuisde vaak binnen Vlissingen. Ik tel acht verschillende adressen tussen 1824 en 1832. Het gezin woonde in wisselende samenstellingen. Vaak wijst dat op grote armoede. Grootmoeder Anna van Adrichem woonde met schoondochter Johanna Elisabeth Houter en de kinderen op één adres. Anna wordt vermeld als weduwe. Vader Johannes staat vermeld als in dienst en woonde mogelijk op de kazerne en niet bij zijn gezin. Pas vanaf 1828, na de dood van zijn moeder woont hij bij zijn gezin in. Schoondochter Johanna Elisabeth Houter vertrok tot twee maal toe naar Rotterdam om daar een kind te krijgen. 

Ik vind het verwarrend allemaal. Bij de geboorte van dochter Anna Catharina Maria Johanna in 1825 staat dat zowel Johannes als Johanna Elisabeth Houter wonen aan de Roozand 240 in Rotterdam. Maar ook de aangevers van de geboorte wonen op dat adres. In 1828 woont Johannes dan weer in Vlissingen. Bij de geboorte van dochter Johanna Maria woont moeder Johanna Maria Houter weer op het adres Roozand 240 Rotterdam, weer op hetzelfde adres als de aangevers. Johannes is dan in Vlissingen. Ook zijn kinderen zijn daar. Het lijkt of het gezin steeds of in elk geval de ouders, continu tussen Rotterdam en Vlissingen pendelen want Johanna Elizabeth, Anna en de kinderen blijven wel steeds vermeld in het bevolkingsregister in Vlissingen. 

Kousteenschedijk Duinpoort

Op 26 februari 1828 overleed Anna van Adrichem zelf. Ze is dan zevenenzestig jaar oud. Ze overleed aan de Kousteenschedijk in Vlissingen en zal, neem ik aan, in Vlissingen begraven zijn. Na haar dood wordt er een negatieve Memorie van Successie opgemaakt. Dit betekend dat haar nalatenschap geen roerende of onroerende goederen bevat. Het kleine beetje wat bezittingen wat ze hebben gehad zoals kleding, zal naar haar zoon Johannes zijn gegaan. Anna wordt in deze Memorie van Successie vermeld als weduwe, maar in de overlijdensakte staat ze weer vermeld als ongehuwd. Van een huwelijk heb ik echter geen spoor kunnen vinden. 

Anna vermeld als weduwe

Misschien was het een leugentje om bestwil. Het past in het plaatje. Johannes geeft op zijn twinitgste ook al een vader op, terwijl hij een onwettig kind is. Een onecht kind of ongehuwde moeder is natuurlijk niet iets om trots op te zijn. Zoveel vragen die ik nog heb maar het blijft gissen naar het verdere leven van Anna en haar zoon Johannes en zijn gezin. En dan vooral ook wie de onbekende vader is.... 

Memorie van Successie van Anna van Adrichem